26ste Spieghelavond

Geert Mak (1946) groeide op in Friesland. Hij studeerde rechten en sociologie en werkte een tijdje als assistent van de toenmalige PSP-fractie. Hij doceerde enkele jaren Staatsrecht en Vreemdelingenrecht aan de Universiteit van Utrecht. Zijn journalistieke carrière ging van start toen hij in 1975 redacteur werd van het weekblad de Groene Amsterdammer. Vanaf 1985 waren op de VPRO-radio zijn mooie reisreportages vanuit Amerika, Azië en Oost-Europa te horen. Hij was toentertijd ook medewerker bij NRC Handelsblad. In 1992 verscheen De engel van Amsterdam, een anatomische les over de Nederlandse hoofdstad en tegelijk een serie portretten van de bewoners. Drie jaar later volgde Een kleine geschiedenis van Amsterdam die in 1996 genomineerd werd voor de Gouden Uil. De echte doorbraak bij een breed publiek kwam met Hoe God verdween uit Jorwerd (1996), een zo langzamerhand klassieke beschrijving van de snelle teloorgang van de Europese boerencultuur. Hiervoor kreeg hij de Henriëtte Roland Holstprijs. Maks meest populaire boek is De eeuw van mijn vader (1999). Hierin verweeft hij de geschiedenis van Nederland in de twintigste eeuw nauw met zijn eigen familiegeschiedenis. Voor dit boek won Geert Mak in 2000 de NS Publieksprijs. In 1999 reisde hij voor NRC Handelsblad kriskras door Europa en publiceerde iedere dag een notitie op de voorpagina van de krant. In 2004 verscheen In Europa. Voor de tweede keer won Geert Mak de NS Publieksprijs. In 2004 publiceerde hij, na de moord op Theo van Gogh, een tweetal pamfletten waarin hij de journalistiek aanpakte: Gedoemd tot kwetsbaarheid en, als reactie op zijn critici, Nagekomen flessenpost. Hij haalde daarin fel uit tegen, wat hij noemde, ‘de handelaren in angst’. Geert Mak bekleedde tussen 2000 en 2003 namens de stad Amsterdam het ambt van bijzonder hoogleraar aan de Universiteit van Amsterdam in de grootstedelijke problematiek, de zogenaamde Wibautleerstoel. In augustus 2012 verscheen Reizen zonder John. Mak volgt daarin het spoor van de legendarische schrijver John Steinbeck.

Trio Malando wordt gevormd door: Danny Malando (contrabas en gitaar), Ernö Olah (viool, klarinet en zingende zaag) en Gert Wantenaar (accordeon, bandoneon, mondharmonica en piano). Het trio brengt en mengt tango, zigeuner- en klassieke muziek op eigentijdse wijze.